In Amsterdam lijkt het tegenwoordig bijna alsof ongedierte ook rechten krijgt. De Partij voor de Dieren wil dat ratten en ander gespuis niet meer actief worden bestreden. Volgens de partij is dieren doden niet ethisch en moet de stad kiezen voor vriendelijkere alternatieven. Ondertussen nemen bij bewoners vooral verbazing en ergernis toe.
Alsof ratten er gewoon bij horen
Als je in Amsterdam woont, weet je dat ratten al lang niet meer zeldzaam zijn. Ze scharrelen langs vuilniszakken, kruipen onder terrassen en duiken op bij speeltuinen. Voor veel mensen is het dagelijkse kost. En juist nu wil de Partij voor de Dieren een tandje terug in de bestrijding.
Volgens de partij ligt het echte probleem bij de mens, niet bij de rat. Rommelig afvalbeleid, etensresten op straat en uitpuilende containers zouden de oorzaak zijn. Ratten doen gewoon wat ratten altijd doen.

Bewoners maken zich zorgen
Lang niet iedereen kan zich daarin vinden. “We hebben nu al overlast,” zeggen bewoners. “Als je stopt met bestrijden, loopt het alleen maar verder uit de hand.”
Ratten zorgen niet alleen voor viezigheid, maar brengen ook gezondheidsrisico’s met zich mee. Ze knagen kabels kapot, verspreiden ziektes en maken kelders en tuinen onbruikbaar. Voor gezinnen met kinderen en horecaondernemers voelt het plan daardoor behoorlijk wereldvreemd.
“Leuk hoor, vanuit een idealistische bubbel,” zegt een bewoner, “maar wij zitten straks met ratten in huis.”
Ideologie boven leefbaarheid
Critici vinden dat de partij is doorgeslagen in dierenliefde. “Dit gaat niet meer over natuur, dit gaat over leefbaarheid,” klinkt het. “Een stad is geen natuurgebied.”
Volgens hen wordt de realiteit van een dichtbevolkte stad genegeerd. “Ratten knuffel je niet weg.”
Diervriendelijk of naïef
De Partij voor de Dieren vindt dat voorkomen beter is dan bestrijden. Minder afval, betere containers en meer bewustwording moeten het probleem oplossen. Tegenstanders twijfelen echter aan hoe realistisch dat is.
“Amsterdam krijgt het afvalprobleem al jaren niet onder controle,” zegt een horecaondernemer. “En ondertussen moeten wij doen alsof ratten vanzelf verdwijnen.”
Symboolpolitiek
Voor veel Amsterdammers voelt dit voorstel als symboolpolitiek. “Makkelijk roepen, maar wij krijgen straks de rekening.”
De vrees is dat dit weer zo’n voorbeeld wordt van beleid dat op papier mooi klinkt, maar op straat verkeerd uitpakt. Letterlijk.
Idealen zijn prima, maar niemand zit te wachten op een stad waar ratten belangrijker lijken dan de mensen die er wonen.
