Het is bijna weer zover. Over enkele weken moeten we in Nederland opnieuw de klok verzetten. De zomertijd loopt ten einde en de wintertijd staat voor de deur. Dat betekent dat we een uur extra krijgen, maar ook dat het ’s avonds plotseling een stuk eerder donker wordt.
Voor veel Nederlanders is het ieder jaar weer even nadenken. Moet de klok nu vooruit of achteruit? En wanneer gebeurt dat precies?
Dit jaar valt de overgang naar de wintertijd op een datum die je alvast in je agenda kunt zetten.
Op deze datum gaat de klok een uur achteruit
In de nacht van zaterdag 24 op zondag 25 oktober 2026 begint de wintertijd.
Om precies 03.00 uur wordt de klok één uur teruggezet naar 02.00 uur. Daardoor duurt die nacht officieel een uur langer.
Wie op zondagochtend geen verplichtingen heeft, kan dus lekker een uurtje langer blijven liggen.
Maar er zit ook een nadeel aan de verandering.
Doordat de klok wordt teruggezet, wordt het in de ochtend volgens de klok eerder licht. Aan het einde van de middag wordt het juist eerder donker.
En met de steeds korter wordende dagen in november en december zullen we dat verschil behoorlijk gaan merken.

Moet je zelf de klok verzetten?
Gelukkig hoef je tegenwoordig lang niet alle klokken meer handmatig aan te passen.
Smartphones, tablets, computers en veel slimme horloges schakelen automatisch over naar de wintertijd.
Toch zijn er apparaten waarbij je nog wel zelf aan de slag moet.
Denk bijvoorbeeld aan de klok van je oven, magnetron, een ouderwetse wekker of het dashboard van een oudere auto.
Het is daarom verstandig om op zondagochtend even te controleren of alle apparaten de juiste tijd aangeven.
Waarom worden sommige mensen zo moe van de wintertijd?
Een extra uur slapen klinkt natuurlijk aantrekkelijk. Toch merkt niet iedereen de overgang als iets positiefs.
Sommige mensen voelen zich na het verzetten van de klok juist vermoeider. Anderen worden op ongebruikelijke tijden wakker of hebben ’s avonds moeite om in slaap te vallen.
Dat heeft alles te maken met onze biologische klok.
Je lichaam is gewend aan bepaalde tijden waarop je wakker wordt, eet en naar bed gaat. Wanneer de officiële tijd plotseling een uur verandert, moet dat interne ritme zich opnieuw aanpassen.
Voor de meeste mensen duurt dat slechts enkele dagen. Maar wie gevoelig is voor veranderingen in het slaapritme, kan er langer last van hebben.
Met deze simpele truc voorkom je vermoeidheid
Gelukkig kun je je lichaam alvast voorbereiden op de overgang.
Begin enkele dagen vóór 25 oktober met het langzaam aanpassen van je slaapritme.
Probeer bijvoorbeeld iedere avond ongeveer een kwartier later naar bed te gaan en ’s ochtends een kwartier later op te staan, als je dagelijkse verplichtingen dat toelaten.
Zo verschuif je je ritme geleidelijk richting de nieuwe wintertijd.
Het belangrijkste is dat je ook na de klokwisseling zoveel mogelijk regelmaat houdt.
Ga rond dezelfde tijd slapen en probeer iedere ochtend op een vast moment op te staan.
Daarmee help je je biologische klok sneller wennen.
Daglicht is belangrijker dan je denkt
Er is nog iets wat kan helpen: voldoende daglicht.
Zodra de wintertijd begint, worden de dagen steeds donkerder. Vooral mensen die vroeg vertrekken en laat thuiskomen, brengen daardoor soms nauwelijks tijd buiten door.
Dat kan invloed hebben op je energieniveau.
Daglicht helpt je lichaam namelijk om onderscheid te maken tussen dag en nacht.
Probeer daarom iedere ochtend of tijdens de lunch even naar buiten te gaan. Een korte wandeling kan al prettig zijn.
Zelfs wanneer het bewolkt is, krijg je buiten doorgaans veel meer daglicht dan wanneer je de hele dag binnen blijft.
Pas op met koffie en je telefoon
Ook je gewoontes in de avond kunnen invloed hebben op hoe gemakkelijk je aan de nieuwe tijd went.
Wie vlak voor het slapengaan nog veel koffie drinkt, kan langer wakker blijven dan de bedoeling is.
Hetzelfde geldt voor langdurig gebruik van fel verlichte beeldschermen.
Probeer daarom de laatste uren voor het slapengaan wat rustiger aan te doen.
Leg je telefoon eventueel eerder weg, dim de verlichting en zorg voor een rustige slaapkamer.
Ook een koele, donkere slaapomgeving kan bijdragen aan een betere nachtrust.
Zo onthoud je of de klok vooruit of achteruit moet
Ben jij iemand die ieder jaar opnieuw twijfelt over de richting van de klok?
Dan is er een eenvoudig ezelsbruggetje.
In het vóórjaar gaat de klok vóóruit.
En in het najaar gaat de klok dus achteruit.
Je kunt het ook op een andere manier onthouden: wanneer de wintertijd begint, krijg je een uur cadeau. Bij de overgang naar de zomertijd raak je dat uur weer kwijt.
Dat maakt het verschil een stuk gemakkelijker te onthouden.
Wanneer begint de zomertijd weer?
De wintertijd blijft de komende maanden van kracht.
Pas op zondag 28 maart 2027 wordt de klok opnieuw verzet. Dan begint de zomertijd en gaat de klok om 02.00 uur vooruit naar 03.00 uur.
Dat betekent dat we die nacht juist een uur minder hebben.
Voorlopig hoeven we daar nog niet over na te denken.
Eerst staat de overgang naar de wintertijd voor de deur.
Vergeet deze datum dus niet
Zet zondag 25 oktober 2026 alvast in je agenda. In de nacht ervoor gaat de klok een uur achteruit en krijgen we een extra uur.
Controleer of je apparaten automatisch overschakelen en probeer je slaapritme alvast een beetje aan te passen als je normaal gesproken veel last hebt van de klokwisseling.
Zo begin je goed voorbereid aan de donkere maanden.
