Het wringt. En behoorlijk ook. Saskia (35) loopt er zichtbaar mee rond. Haar vriendin Myrthe is officieel arbeidsongeschikt verklaard. In praktijk: geen baan, wel een uitkering, en volgens de instanties niet inzetbaar in het arbeidsproces. Maar intussen, zegt Saskia, lijkt Myrthe overal energie voor te hebben — behalve voor werk.
“Begrijp me niet verkeerd,” begint Saskia. “Ik gun iedereen tijd om op adem te komen. Maar op een bepaald moment vraag je je af: wat speelt hier nou?”
Sporten, eropuit en veel momentjes met de kids
Myrthe heeft twee kinderen en pakt haar dagen totaal anders aan dan de meeste ouders met een baan. Terwijl Saskia ’s ochtends gehaast haar laptop openklapt en meteen een propvolle agenda ziet, staat Myrthe in de gym. Of ze gaat wandelen. Of ze doet ‘iets leuks’ met de kids: speeltuinen, koffietentjes, dagjes weg.
“Ze traint echt élke dag,” zegt Saskia. “En niet zomaar een rustig rondje — het is serieus intens. Krachttraining, groepslessen, soms zelfs twee keer op één dag.”
Volgens Myrthe is werk te zwaar: te veel prikkels, te veel stress, te weinig herstelruimte. Maar sporten en sociale dingen gaan ogenschijnlijk prima.

“Dan denk ik: waar ligt de grens?”
Saskia baalt van haar eigen irritatie. “Je wilt niet die zure vriendin zijn die iemand haar uitkering niet gunt. Maar ik maak lange dagen, plof ’s avonds gesloopt neer, en haar leven oogt… best relaxed.”
Wat het extra lastig maakt: Myrthe klaagt zelf geregeld. Over hoe zwaar alles is. Over de vermoeiende kanten van het moederschap. Over het gebrek aan begrip. “En dan denk ik: maar je hébt toch juist alle ruimte? Je hoeft nergens heen, je agenda is leeg, je kunt alles op jouw tempo doen.”
Veel mensen herkennen dit gevoel
Saskia is vast niet de enige. In tijden van toenemende burn-outs, uitkeringen en vage scheidslijnen tussen ‘niet kunnen’ en ‘niet hoeven’, roept zo’n situatie allerlei vragen op.
Wanneer ben je nu echt te ziek om te werken?
Hoe kan het dat sporten soms wel lukt, maar werken niet?
En wie bepaalt eigenlijk wat ‘te veel gevraagd’ is?
“Ik beweer niet dat Myrthe oneerlijk is,” benadrukt Saskia. “Maar soms voelt het gewoon… niet eerlijk.”
Het lastige gesprek dat je liever niet voert
Saskia durft het onderwerp niet bij Myrthe te leggen. “Wat zeg je dan? ‘Hé, je sport vijf keer per week—zou een beetje werk ook niet lukken?’ Dat kan je vriendschap kosten.”
Dus slikt ze haar frustratie weg. En kijkt ze toe. Achter haar bureau. Met die uitpuilende agenda. Terwijl Myrthe de volgende les inplant.
“Misschien zit het probleem niet bij haar,” zegt Saskia zacht. “Maar het voelt toch alsof er iets scheef zit.”
