Anne is 23, pas afgestudeerd en werkt gewoon fulltime; op papier klopt alles. Toch slaapt ze nog steeds in haar jeugdkamer bij haar ouders. Niet omdat ze dat wil, maar omdat er simpelweg geen alternatief is. “Ik sta al jaren ingeschreven, reageer op alles wat ik zie en krijg telkens dezelfde mail: helaas, je bent niet geselecteerd,” zegt ze. Voor haar is het woningtekort geen vaag politiek thema, maar iets dat haar leven letterlijk op pauze zet. Geen eigen plek, geen rust, geen echte aftrap.
Huizen waarin niemand meer vooruitkomt
Wat haar tijdens het zoeken het meest steekt, is dat ze steeds hetzelfde beeld tegenkomt: ruime eengezinswoningen met vier slaapkamers waar één of twee oudere mensen wonen. “Iedereen mag comfortabel wonen,” zegt ze, “maar het voelt scheef dat gezinnen klem zitten en starters vastlopen, terwijl complete huizen half leeg staan.” Voor Anne draait het niet om schuld, maar om slim delen. De woningvoorraad groeit nauwelijks, terwijl de verdeling steeds krommer wordt.
Dwang klinkt hard, maar niets doen doet meer pijn
Anne snapt dat dit heftig klinkt. Verplicht kleiner gaan wonen roept meteen weerstand op. Toch vindt ze dat het gesprek gevoerd moet worden. “We doen nu alsof verhuizen altijd een vrije keuze is, maar wonen is een schaars publiek goed geworden.” Ze wijst op andere collectieve systemen. “Voor zorg, pensioen en verkeer accepteren we ook regels, waarom zou wonen onaantastbaar zijn?” Volgens haar is solidariteit soms: ruimte maken voor wie na jou komt.

De emotie achter blijven zitten
Critici zeggen dat ouderen emotioneel gehecht zijn aan hun huis. Anne begrijpt dat, maar vindt het verhaal zo niet af. “Iedereen levert iets in,” zegt ze. “Ik lever mijn zelfstandigheid in, mijn toekomstplannen en mijn mentale rust.” Volgens haar wordt de emotionele druk op jongeren structureel onderschat. Relaties worden uitgesteld, aan kinderen durf je niet te denken en je stuurt je carrière op reistijd in plaats van ambitie.
Niet tegen ouderen, wel tegen het systeem
Anne ziet ouderen niet als tegenpartij. Haar kritiek richt zich op beleid dat al decennia vooruit wordt geschoven. “Politici deden te lang alsof de markt het wel oplost.” Het gevolg is een generatie die alles doet wat gevraagd wordt, maar geen plek kan vinden. “Dan ga je vanzelf kijken naar herverdeling,” zegt ze. “Niet uit boosheid, maar omdat het nodig is.”
Een lastige vraag die we blijven ontwijken
Of verplicht kleiner wonen dé oplossing is, daar is Anne niet dogmatisch over. Wat ze wél zeker weet: niets doen kan niet meer. “Elke maatregel doet iemand pijn,” zegt ze. “De vraag is alleen bij wie.” Nu ligt die pijn vooral bij jongeren. En zolang dat zo is, blijft de boosheid groeien. “Ik vraag geen luxe,” besluit Anne. “Gewoon een plek om te beginnen.” Wat vind jij van Annes idee? Laat het weten in de reacties!
